Realisaties

Binnenlands Bestuur

 

Een slankere, transparantere overheid met sterke lokale besturen, dat is de doelstelling van Liesbeth Homans. Ze neemt daarbij maatregelen om de gemeenten en steden meer vertrouwen en verantwoordelijkheid te geven en hun bestuurskracht te vergroten. Een greep uit de belangrijkste realisaties:

 

Afslanking provincies: minder bevoegdheden en minder politieke mandaten

Minder mandaten en minder bevoegdheden. Dat is de kern van de hervorming van de provincies. Vanaf 1 januari 2018 gaan de vijf Vlaamse provincies zich enkel nog concentreren op hun grondgebonden bevoegdheden waaronder Ruimtelijke Planning, Toerisme en Provinciedomeinen en vallen de persoonsgebonden bevoegdheden zoals Cultuur, Jeugd, Welzijn en Sport weg. De middelen, het personeel en de infrastructuur daarvoor gaan over naar de lokale besturen of de Vlaamse overheid. Minder bevoegdheden betekent ook minder politici. Daarom werd het aantal provincieraadsleden gehalveerd van 350 naar 175, en zullen er vanaf eind 2018 niet langer zes maar nog vier gedeputeerden in elke provincie zijn. Het decreet dat de bevoegdheden van de provincies afslankt werd al gestemd in het Vlaams Parlement en de overheveling van bevoegdheden is volop bezig.

 

Integratie van OCMW en gemeente in één lokaal bestuur voor een sterk lokaal sociaal beleid

In Vlaanderen werken de lokale besturen al langer aan een betere samenwerking tussen gemeente en OCMW. Met het Decreet Lokaal Bestuur  realiseert Liesbeth Homans de integratie tussen gemeente en OCWM tot één lokaal bestuur. In één raad worden de strategische beleidslijnen uitgezet. Door te werken met één ambtelijke leiding in één organigram kunnen de lokale besturen een efficiënte organisatie uitbouwen. De dienstverlening wordt op deze manier ook toegankelijker en meer laagdrempelig omdat het stigma dat vroeger voor sommigen nog op het OCMW kleefde, wordt vermeden. Deze hervorming zorgt bovendien voor een vermindering van minstens 925 politieke mandaten.

 

Vrijwillige fusies van gemeenten voor een efficiëntere en meer klantvriendelijke dienstverlening

Om een efficiënte en klantvriendelijke dienstverlening uit te kunnen bouwen, is voldoende schaalgrootte een belangrijke voorwaarde. Daarom werkte Liesbeth Homans een pakket aan maatregelen uit dat gemeenten stimuleert om in een vrijwillige fusie te stappen. Zo legde ze een kaderdecreet voor aan het Vlaams Parlement dat een duidelijk en rechtszeker kader biedt voor die gemeenten die de stap naar een fusie wensen te zetten. Een schuldovername tot 20 miljoen euro per fusie geeft gemeenten bovendien een duwtje in de rug. Voor al hun praktische vragen bij een fusieoperatie worden gemeenten ook goed ondersteund door het Agentschap Binnenlands Bestuur. Hoewel het woord ‘fusie’ jarenlang een taboe was in Vlaanderen, levert het beleid van Liesbeth Homans resultaat op: er zijn al vier gemeenten die een principiële beslissing tot fusie genomen hebben: Kruishoutem en Zingem in Oost-Vlaanderen en Meeuwen-Gruitrode en Opglabbeek in Limburg.

 

Minder betutteling en meer autonomie voor de lokale besturen

Om lokale besturen meer ruimte te geven een beleid op maat van de eigen gemeente te voeren, zette Liesbeth Homans het mes in allerhande plan- en rapporteringsverplichtingen en overbodige detailregels die door de Vlaamse overheid werd opgelegd. In overleg met de lokale besturen (in de ‘paritaire commissie decentralisatie’) werd de beleidsruimte voor de gemeenten in tal van beleidsdomeinen uitgebreid. Zo hebben de gemeenten, bijvoorbeeld, nu meer mogelijkheden om een personeelsbeleid op maat van de eigen organisatie te voeren en is het beleid inzake leegstaande woningen een volledige autonome lokale bevoegdheid geworden. Vlaamse regels, over bijvoorbeeld ambulante handel en de organisatie van markten, werden drastisch versoepeld.

Naast minder regels, is er voor bijna een half miljard euro aan financiële middelen aan de lokale besturen toevertrouwd zonder dat de gemeenten hierover verantwoording moeten afleggen aan de Vlaamse regering. Deze middelen komen bovenop de 3,2 miljoen euro uit het Gemeentefonds. Ze beslissen dus zelf waaraan en op welke manier ze deze middelen besteden. Zo werden de subsidies in de sectoren cultuur, jeugd, sport, ontwikkelingssamenwerking, onderwijsbeleid, integratie en kinderarmoede, goed voor meer dan 130 miljoen euro, ingekanteld in het Gemeentefonds. Ook de financiering die lokale besturen voor de GESCO’s kregen, zo’n 332 miljoen, kunnen de lokale besturen voortaan voorwaardenvrij besteden.

 

De Vlaamse centrumsteden ondersteunen in hun ontwikkeling tot Smart Cities

Liesbeth Homans versterkt de centrumsteden in hun ontwikkeling tot ‘smart cities’. Ten eerste stimuleert ze via de jaarlijkse ‘Slim in de stad’ -prijs de 13 Vlaamse centrumsteden om toekomstgericht na te denken over hoe technologie (het zogenaamde ‘Internet of Things’) ons kan helpen om stedelijke uitdagingen aan te pakken. Dit kan gaan van het tegengaan van file- en parkeerproblemen over het energie-efficiënter aanwenden van straatverlichting tot het automatiseren van de afvalophaling. Ten tweede trok de minister 1 miljoen euro uit voor het opstarten van het Smart Flanders-programma. Met dit programma wordt gewerkt aan een overkoepelende Vlaamse ‘Slimme Regio-strategie’. Zo moet niet elke centrumstad op zijn eentje het warm water uitvinden, maar worden de steden onder impuls van imec, het toonaangevende onderzoekscentrum rond micro- en nanotechnologie, samengebracht om gezamenlijk hun smart city-beleid uit te stippelen.

 

Wonen

 

Een kwaliteitsvol en betaalbaar dak boven ieders hoofd. Liefst op maat en in een aangename leefomgeving. Dat is waar iedere Vlaming van droomt en waar Vlaams minister Homans volledig op inzet. Halfweg voorbij haar legislatuur plaatsen we de  belangrijkste realisaties van haar bevoegdheid Wonen op de voorgrond:

 

Sociale woningen voor zij die het echt nodig hebben

Wonen is een basisrecht. Daarom is het van belang dat een sociale huurwoning terechtkomt bij die mensen die er het meeste nood aan hebben. De minister nam daarom de nodige stappen om de sociale huurmarkt te verbeteren met een rechtvaardige toegang voor iedereen. Aan deze rechten hangen natuurlijk ook bepaalde plichten. Zo vallen bijvoorbeeld nieuwe huurders met een bepaald contract die voldoende verdienen (25% boven inkomensgrenzen voor sociale huur) uit het sociale woonbestand en moet wie in aanmerking wil komen voor een sociale woning niet enkel aantonen dat hij/zij lessen volgt maar ook effectief Nederlands spreekt. De bestaande fraude wordt ook beter aangepakt. Dossiers van fictief alleenstaanden en/of mensen die reeds een volle of gedeeltelijke eigendom hebben worden niet meer aanvaard.

 

Extra ondersteuning voor sociale woonactoren

Net als bij de gemeenten wil de minister de toegankelijkheid en kwaliteit van de sociale woonactoren verhogen. De sociale huisvestingsmaatschappijen (SHM) en sociale verhuurkantoren worden daarom financieel versterkt en ondersteund bij het ontwikkelen van een verruimd aanbod. Om meer efficiëntie te bekomen moeten SHM’s in de toekomst beschikken over minimaal 1000 sociale woningen in beheer. Daarenboven is er nog nooit zoveel geïnvesteerd in de uitbreiding van het woonaanbod. Sinds het begin van deze legislatuur kwamen er 10.426  extra nieuwbouwwoningen (1.657.300.988 euro) en 14.987 renovaties (475.026.657 euro) bij. De sociale huisvestingsmaatschappijen ontvingen zowel in 2016 als 2017 200 miljoen euro of het equivalent van 1000 extra woningen. In totaal spreken we nu over 153 000 sociale woningen in Vlaanderen met 23000 op de planning. 80 miljoen uit het Klimaatfonds wordt eveneens uitgetrokken voor de energetische renovatie van sociale woningen.

 

Kwalitatief wonen in Vlaanderen opnieuw ingevuld

Gemeenschappelijk wonen is in opmars. Vlaanderen heeft dus nood aan nieuwe woonvormen die hierop inspelen maar tegelijk niet worden gehinderd door de al te ingewikkelde bestaande regels. De minister lanceert daarom een oproep naar projecten rond gemeenschappelijk en vernieuwend wonen en dit in al zijn verschijningsvormen. In deze experimentele proefomgeving kan dan worden afgeweken op bepaalde regelgeving binnen het woonbeleid voor het specifieke project. Op die manier komen deze projecten gemakkelijker tot stand en vinden ze sneller aansluiting bij onze huidige manier van leven. Het decreet voor dit proefproject werd reeds goedgekeurd.

 

Evenwicht huurder-verhuurder herstellen

Sinds midden 2014 kwam er een overdracht van bevoegdheden rond huurwetgeving van de federale overheid naar Vlaanderen. Dit zette minister Homans ertoe aan om een eigen Vlaams huurdecreet te laten uittekenen in de Conceptnota Private Huur. Deze werd goedgekeurd door de Vlaamse regering en moet de Vlaamse huurmarkt verder versterken door eigen klemtonen te leggen. Zo ligt de nadruk op het herstellen van het evenwicht tussen de rechten en plichten van huurder en verhuurder. Betaalbaarheid, bescherming van woonkwaliteit en woonzekerheid zijn daarbij onontbeerlijk voor de huurder terwijl de verhuurder tegelijkertijd zijn eigendom goed beschermd moet weten en zeker moet zijn van een huurinkomen..

 

Blijven inzetten op eigendomsverwerving

Als minister van Wonen is het belangrijk om aan alle Vlamingen de kans te geven een woning te verwerven, ook wel het ‘appeltje voor de dorst’ voor later genoemd. Zo geven we mensen die het nodig hebben een extra duwtje in de rug door onder meer de bijzondere sociale leningen. Voordeel van deze leningen is dat men minder eigen inbreng moet leveren en dus de drempel om een woning aan te schaffen verlaagt. De minister trekt hier  930 miljoen per jaar voor uit.